GMP+ deelnemers zijn positief over het EWS systeem

20 oktober 2016

Dit blijkt uit een recent gehouden EWS enquête onder GMP+ deelnemers die in 2015 en eerste helft 2016 een EWS melding hebben gedaan en/of betrokken zijn geweest bij een EWS case.

De afgelopen jaren heeft GMP+ International verbetermaatregelen doorgevoerd op het gebied van EWS.  Medio 2016 was het moment om het resultaat hiervan te toetsen bij de bedrijven.

Uit de EWS enquête blijkt dat we vriendelijk zijn, kennis van zaken hebben en objectieve en informatieve informatie verstrekken. Echter, soms is het niet helemaal duidelijk wat EWS-melders kunnen verwachten van GMP+ International aan reactiesnelheid. EWS-melders gaven ook aan meer informatie van GMP+ International te willen ontvangen.

Een eerste stap in transparantie is gezet: welke producten met welke contaminanten in welke landen waren in 2016 tot nu toe betrokken bij een EWS melding/case? Dat is vanaf nu inzichtelijk via dit overzicht.

Een analyse van de EWS meldingen/cases tot nu toe leverde overigens de volgende interessante conclusie op:

Toenemende bewustwording van (potentiele) risico’s voor diervoederveiligheid onder GMP+ deelnemers

Aan het begin van het 4e kwartaal van 2016 ligt het aantal EWS meldingen (172 verdeeld over 103 cases) al boven het jaartotaal van 2015 (147 meldingen verdeeld over 98 cases). Deze toename kan worden verklaard vanuit een grotere bewustwording van (nieuwe en bestaande) dreigingen en risico’s voor de voederveiligheid en een toenemende bereidheid te melden en informatie uit te wisselen.

Het aantal waarschuwingen (17) dat aan GMP+ deelnemers werd verstuurd is gelijk ten opzichte van 2015. Dit relatief lage aantal duidt erop dat GMP+ gecertificeerde bedrijven de situatie relatief snel onder controle hebben, waardoor het risico op contaminatie in de keten beperkt blijft en de diervoederveiligheid niet in gevaar kwam. De meeste meldingen hebben betrekking op gewasbeschermingsmiddelen in voedermiddelen.

Een verklaring voor de daling van het aantal aanvullende audits is dat de EWS meldingen veel minder vaak aanleiding geven tot een vermoeden van niet-naleving van GMP+ FSA voorwaarden. Tegelijkertijd is bij bedrijven de bereidheid om informatie te delen toegenomen, zodat de situatie eerder in beeld is.

Dit zijn de belangrijkste conclusies van de EWS-cijfers over de eerste drie kwartalen van 2016.

Voedermiddelen en gewasbeschermingsmiddelen domineren nog steeds

85% van de meldingen tot nu toe betrof voedermiddelen. Dat is weinig verrassend, aangezien weersomstandigheden onbeheersbaar zijn.

In voedermiddelen is het aantal meldingen over gewasbeschermingsmiddelen toegenomen: van 45 meldingen in 2015 tot 55 meldingen reeds in 2016. De meeste problemen met gewasbeschermingsmiddelen in voedermiddelen kwamen voor in citrus pulp pellets (18 meldingen), lupinen (11 meldingen), gevolgd door sojabijproducten (8 meldingen).

Het complete overzicht ‘Welke risico’s in welke producten uit welke landen’ – tevens te gebruiken voor uw eigen HACCP plan – vindt u op ons GMP+ portaal.

Oorzaken contaminatie

Bij bijna de helft van de meldingen van onveilig diervoeder is de oorzaak van de contaminatie achterhaald:

  • 36 meldingen met een natuurlijke oorzaak;
  • Bij 29 meldingen lag de oorzaak binnen de directe invloedssfeer van diervoederbedrijf (categorie ‘Processing – inside feed company’). Het betreft hier meldingen waarbij ergens in het productieproces de contaminatie is ontstaan. Dit kan zijn in de teelt (door bijvoorbeeld het gebruik van pesticiden), be-/verwerking (door bijvoorbeeld een lekkage in een machine), of tijdens transport en opslag (door bijvoorbeeld kruisbesmetting) van het betreffende product;
  • Bij 15 meldingen lag de oorzaak buiten de directe invloedssfeer van het diervoederbedrijf (categorie ‘Processing – outside feed company’). Dit kan zijn in de monstername van het betreffende product of analyse van het monster.

De grootste categorie ‘not detected’ (82 meldingen oftewel 47,7%) bestaat uit meldingen waarbij de oorzaak van de contaminatie niet is vastgesteld. Dit zijn meldingen waarbij onderzoek geen oorzaak heeft aangetoond. Ook gaat het om meldingen waarbij uiteindelijk geen sprake bleek van onveilig diervoeder. Het gaat om situaties waarbij de contaminatie niet werd bevestigd door de contra-analyse, de productnorm niet werd overschreden of omdat een productnorm ontbreekt

Het belang van melden!

Het is belangrijk dat onregelmatigheden gemeld worden. Het zorgt ervoor dat andere betrokken partijen in een vroeg stadium op de hoogte worden gesteld van mogelijke bedreigingen of risico’s (damage controle) en daarop actie kunnen nemen. Het Early Warning System (EWS) is daarom een belangrijk element van een Feed Safety Management System als GMP+ FSA.

Hoe meer meldingen des te waardevoller is de communicatie van GMP+ International over potentiële risico’s in diervoederproducten. Dit kan weer als input dienen voor het maken van uw bedrijfsspecifieke HACCP-plan. Met de dagelijkse uitdagingen die komen kijken bij het leveren van veilig diervoeder voor veilig voedsel (Safe Feed for Safe Food) kan zo beter worden omgegaan.

Wat kan u nog meer van ons verwachten?

Andere suggesties ter verbetering, die uit de EWS enquête zijn gekomen, worden nu verder uitgewerkt. We zullen u daarover in de nabije toekomst informeren. Ook de samenwerking met SecureFeed, waarover wij u onlangs geïnformeerd hebben, zal op het gebied van EWS zijn vruchten kunnen afwerpen.

Meld je aan voor de GMP+ International nieuwsbrief

Volg het laatste GMP+ International nieuws