‘De markt is er klaar voor’ – Diervoeder- en voedingssectoren komen bijeen om gezamenlijke vooruitgang te boeken op het gebied van duurzaamheid

GMP+ International ontving vertegenwoordigers van de diervoeder- en voedingssectoren voor multistakeholderdialogen over het slaan van een duurzame brug tussen diervoeder en voedsel. Uit de gesprekken bleek dat de markt, ondanks de complexiteit en het gebrek aan handhaving door de overheid, klaar is om gezamenlijk actie te ondernemen.

Er is een duidelijke consensus ontstaan dat de diervoeder- en voedingsmiddelenmarkten klaar zijn om gecoördineerde actie te ondernemen op het gebied van duurzaamheid, waarbij retailers en financiers de toeleveringsketens actief ondersteunen bij het invoeren van gezamenlijke praktijken.

GMP+ International, 's werelds grootste keurmerk voor veilig en duurzaam diervoeder, bracht bijna 90 afgevaardigden uit de diervoeder- en voedingssectoren bijeen om te bespreken hoe hun duurzaamheidsinspanningen op elkaar kunnen worden afgestemd. De discussies, die plaatsvonden tijdens het VICTAM International-evenement in Utrecht, hadden onder meer betrekking op het invoeren van een gestandaardiseerde Life Cycle Assessment (LCA)-methodologie en datatransparantie om de versnippering van inspanningen aan te pakken.

Coördinatie in het belang van de gehele diervoeder- en voedselketen

Diervoeder vormt een aanzienlijk deel van de milieueffecten van de voedselketen. De globale productie van dierlijke eiwitten is verantwoordelijk voor 12-16% van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, waarbij diervoeder gemiddeld 41% van die uitstoot voor zijn rekening neemt.

Veel bedrijven in de globale diervoederketens passen verschillende werkwijzen en initiatieven toe om dit aan te pakken, maar deze staan los van elkaar. Dat vergroot de druk op boeren aan het begin van deze toeleveringsketens, maakt het meten en vergelijken van vooruitgang ingewikkeld en weerhoudt retailers ervan om transparant te zijn tegenover consumenten over de impact van hun voedsel.

Gelukkig was er een groeiende consensus zichtbaar onder vertegenwoordigers van de vele verschillende belangengroepen in deze sectoren om samen te werken aan cruciale instrumenten, zoals methoden voor het meten van de milieu-impact van producten, en welke gegevens verzameld en gedeeld moeten worden in de hele toeleveringsketen. Dit is een pre-competitieve stap die de transparantie zou verbeteren, de versnippering zou aanpakken, de rapportage zou verminderen en vergelijkbaarheid, geloofwaardigheid en schaalbaarheid in de hele waardeketen mogelijk zou maken.

Deskundigen, retailers, banken, boeren en bedrijven willen allemaal samenwerken

Lucas Simons, oprichter van duurzaamheidsadviesbureau New Foresight, benadrukte dat hoewel transities complex zijn en waardeketens verschillen, de veranderingsstrategie dezelfde is. Het vereist een gedeelde eindvisie, het opschalen van nieuwe initiatieven en het afbouwen van het oude regime: “Het is niet slechts één radicale maatregel die we moeten nemen. Als we deze sector duurzamer willen maken, moeten we heel wat dingen radicaal anders aanpakken. Elke transitie is anders, omdat elke sector anders is. Maar als je uitzoomt, is het allemaal hetzelfde... we doen allemaal wel iets, maar het is slechts ruis... en het is niet zo dat we dit niet kunnen oplossen, we hebben dit al gedaan met Voederveiligheid... het is gewoon dat we niet georganiseerd zijn.” Het goede nieuws is dat we al met deze transitie zijn begonnen.

Vertegenwoordigers van financiële instellingen en supermarktketens namen ook het woord en riepen de markt op tot gecoördineerde actie.

Laura Jungmann, directeur duurzaamheid bij supermarktketen Albert Heijn, vertelde hoe ze door samenwerking met de leveranciers van de soja die in hun toeleveringsketen voor diervoeder wordt gebruikt, de CO2-emissies van hun kippensortiment met 38% hebben verkleind en hun totale scope 3-emissies met 3% hebben verlaagd. Over hun samenwerkingsaanpak zei Jungmann: “Samenwerken [met de hele toeleveringsketen] was absoluut cruciaal... Dit daagt de status quo uit. Dit draait om transparantie, Traceerbaarheid, data en partnerschap. Om dit te bereiken werkten we samen met onze toeleveringsketen, met een geharmoniseerde vraag, en zorgden we ervoor dat alles binnen één solide protocol op één lijn ligt. Het feit dat GMP+ International hiervoor een standaard heeft gelanceerd, is het beste nieuws ooit. Want we willen dat dit opgeschaald wordt. Stel je voor dat elke supermarkt ter wereld dit zou doen – dat is een emissiereductie van 3%, overal. Dat kan alleen worden bereikt als we de eisen aan de markt standaardiseren.”

Alex Datema, directeur food en agri bij Rabobank – die onder meer 80% van de Nederlandse boeren tot haar afnemers / klanten rekent – zei: “We hebben onze kijk op het hele food- en agrisysteem veranderd. Van het zorgen dat we boeren in onze portefeuille hebben met lage productiekosten en goede opbrengsten per hectare, naar ook kijken naar een belangrijke succesfactor: hoe duurzaam is dit bedrijf? Als je de maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid niet bij kunt houden, ben je niet de succesvolle afnemer / klant van de toekomst. We kijken op dezelfde manier naar boeren die we financieren in Amerika, Brazilië en Australië als naar boerenbedrijven in Nederland.”

Deelnemers konden ook luisteren naar een reeks deskundige panelleden, waaronder Frank Gort van de Universiteit van Wageningen, Veerle Van Linden van ILVO, Coen Smits van MyFeedPrint, Laura Nobel van GFLI en Anton van den Brink van FEFAC. Een van de opmerkingen van het panel was dat de methodologie voor veel van de regels voor de milieu-impact van producten al voor 80-90% op elkaar was afgestemd. Dat betekent dat gegevens kunnen worden geharmoniseerd en dat de markt binnen enkele jaren klaar kan zijn voor transparantie over duurzame gegevens.

Een internationale standaard, en meer voorstellen in het verschiet

De multistakeholderdialogen volgden kort na de ontwikkeling van de eerste internationale standaard voor MI5.7 Feed Life Cycle Assessment, die vorige maand door GMP+ International werd gelanceerd. Na deze dag van discussies zullen ook meer concrete voorstellen worden ontwikkeld voor het delen van gegevens in de hele waardeketen.

Martine Boon, algemeen directeur van GMP+ International, blikte terug op wat er uit de uitwisseling is geleerd: “Het was een waardevolle discussie. Voederveiligheid blijft onze ruggengraat als GMP+ International, maar duurzaamheid is cruciaal voor het succes van zowel diervoeder als levensmiddelen in de toekomst. Wat meteen duidelijk was, is dat de markt er klaar voor is; we willen hier allemaal vooruitgang zien. Het was ook eerlijk: we weten dat het complex is en we weten dat het niet perfect zal zijn, maar we moeten de kloof overbruggen. En dat kunnen we samen doen.”