Het belonen van duurzame diervoederbedrijven begint met vergelijkbare gegevens
30 juni 2026
De markt is er klaar voor – dat was de glasheldere boodschap die naar voren kwam uit de dialogen met stakeholders die wij eerder deze maand organiseerden. We delen graag de belangrijkste inzichten en vervolgstappen voor diervoederbedrijven.
Deze maand brachten wij vertegenwoordigers uit de diervoeder- en voedselketen van over de hele wereld samen om te bespreken hoe onze sectoren op het gebied van duurzaamheid beter gecoördineerd kunnen samenwerken.
Uit de discussie bleek dat de markt er klaar voor is. We wisten al dat 85% van onze stakeholders wil dat wij meer doen op het gebied van duurzaamheid, en dat financiële instellingen en retailers meer van de sector verwachten. Wat duidelijk naar voren kwam, was de bereidheid van iedereen om nú aan de slag te gaan.
Een duurzame brug tussen diervoeder en levensmiddelen
Tijdens het VICTAM International-evenement in Utrecht brachten we bijna 90 afgevaardigden uit de diervoeder- en levensmiddelensector bijeen voor dialogen met meerdere belanghebbenden.
Het doel was om een duurzame brug te slaan tussen diervoeder en levensmiddelen. Tijdens de bijeenkomst deelden experts en belangrijke stakeholders hun inzichten. Zo ontstond een gedeeld beeld van de duurzaamheidsuitdagingen voor de diervoedersector en van de groeiende verwachtingen in de hele waardeketen, van diervoeder tot levensmiddelen.
Common phases
Lucas Simons, oprichter van duurzaamheidsadviesbureau NewForesight, liet zien welke fasen sectoren vaak doorlopen bij dit soort transities.
Ook de fase waarin wij ons nu bevinden, kwam aan bod: veel bedrijven nemen al stappen, maar doen dat nog vooral afzonderlijk van elkaar.
De intenties zijn goed, maar het gebrek aan coördinatie zorgt voor extra druk op boeren aan het begin van de keten. Het maakt vooruitgang bovendien moeilijker meetbaar en vergelijkbaar, en belemmert retailers om consumenten duidelijk te informeren over de impact van hun voedsel.
“Op dit moment spelen we allemaal op onze eigen instrumenten. De uitdaging is om van die kakofonie muziek te maken. Dat we het kunnen oplossen, hebben we met voederveiligheid al bewezen. Nu moeten we ons organiseren.”
Lucas Simons, oprichter, NewForesight
Deskundigen en de sector zijn het eens
Steeds meer partijen waren het erover eens dat dit geen terrein is waarop bedrijven met elkaar zouden moeten concurreren, maar juist een onderwerp waarop sectorbrede samenwerking nodig is.
Denk aan methoden om de milieu-impact van producten te meten en aan afspraken over welke gegevens in de hele toeleveringsketen verzameld en gedeeld moeten worden. Het panel van deskundigen benadrukte dat het onderwerp complex is, maar dat overeenstemming over gezamenlijke maatstaven een belangrijke én haalbare stap is.
Veerle van Linden, senior onderzoeker, ILVO
“Het is goed om te horen dat er 100% overeenstemming bestaat over de noodzaak van harmonisatie. Ik hoop van harte dat het hele voedselsysteem de juiste prijzen voor voedsel gaat betalen, zodat de waarde in de keten in ieder geval eerlijk wordt verdeeld.”
Anton van den Brink, adjunct-secretaris-generaal, FEFAC
“Mijn belangrijkste conclusie was het besef dat de marktvraag in gang is gezet. De omstandigheden zijn zodanig gecreëerd dat bedrijven actie kunnen ondernemen; er zijn faciliterende partijen zoals GMP+ die ons in staat zullen stellen de volgende fase te bereiken.”
Frank Gort, afdelingshoofd Dierhouderijsystemen, Wageningen University
"Het is haalbaar voor de diervoederindustrie om binnen vijf jaar één geharmoniseerd kader voor milieumetingen in te voeren, mits diervoederbedrijven en het bredere agrofoodcluster daarover overeenstemming bereiken.”
Laura Nobel, projectmanager, GFLI
”We zijn op de goede weg. Toen ik in 2020 met dit werk begon, moest ik nog uitleggen waarom we überhaupt iets aan duurzaamheid doen. De grootste uitdaging is het creëren van een kader dat breed genoeg is om te kunnen innoveren, maar ook streng genoeg om te voorkomen dat we aan greenwashing doen. We bevinden ons in een markt, dus we moeten enigszins concurrerend zijn, maar het moet wel een eerlijk speelveld blijven.”
Coen Smits, Global Sustainability Director, MyFeedPrint
“De transitie is in volle gang. Duurzaamheid is niets nieuws. De kennis is aanwezig, we weten hoe het moet, we moeten het alleen nog doen. We hebben de juiste prikkels in de keten nodig om dit te realiseren.
Wat zal helpen, is het opzetten van harmonisatie en regels, gestandaardiseerde methodologieën die door onafhankelijke organisaties kunnen worden verifieerd, en het creëren van een gelijk speelveld voor de belanghebbenden.”
‘ True value’
Alex Datema deelde zijn inzichten als melkveehouder én als directeur Food & Agri bij de Rabobank. Binnen de bank wordt gewerkt aan het concept ‘True Value Language’.
‘True Value’ is het idee dat we bedrijven moeten erkennen die zich inzetten om de ‘externe effecten’ in hun waardeketen aan te pakken of terug te dringen, zoals milieuschade, lage lonen, gezondheidseffecten, emissies, enzovoort. Maar dit op een consistente en eerlijke manier doen is moeilijk zonder vergelijkbare maatstaven, KPI’s en betrouwbaar bewijs – een ‘gemeenschappelijke taal’ over hoe we over duurzaamheid spreken. De diervoederindustrie heeft al ervaring met het ontwikkelen van een sectorbrede gemeenschappelijke taal. Een generatie geleden was het idee van een standaard die niet alleen de gehele diervoederketen omvatte, maar ook wereldwijd werd geaccepteerd, bijna onvoorstelbaar. Maar door deze standaard stapsgewijs op te bouwen en bewust een ketenbrede aanpak te hanteren, begon de sector geleidelijk aan ‘GMP+’ te spreken. Bedrijven wisten wat ze kregen wanneer ze inkopen deden bij andere GMP+ gecertificeerde bedrijven. En nu zien we dat dezelfde instrumenten ook voor duurzaamheid beschikbaar komen.
“Wij hebben onze kijk op het gehele voedsel- en landbouwsysteem veranderd. Vroeger lag de nadruk vooral op boeren met lage kostprijzen en goede opbrengsten per hectare. Nu kijken we ook naar een andere belangrijke succesfactor: hoe duurzaam is het landbouwbedrijf?
Als je de maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid niet kunt bijhouden, ben je niet de succesvolle boer van de toekomst. Wij bekijken de boeren die wij financieren in Amerika, Brazilië en Australië op dezelfde manier als de landbouwbedrijven in Nederland.”
Alex Datema, directeur Voeding en Landbouw, Rabobank
De internationale Feed Life Cycle Assessment (LCA)-standaard
Als elke partij duurzaamheid op een andere manier meet, waardeert of beloont, wordt samenwerking een last. De ambitie op het gebied van duurzaamheid is dan ook om lering te trekken uit de ervaringen met voederveiligheid, een gezamenlijke aanpak te hanteren voor het meten van onze impact en deze af te stemmen op robuuste en consistente methodieken die al bestaan. De GMP+ MI5.7 Feed LCA is precies dat. Deze standaard, gelanceerd op 6 mei 2026, biedt de voersector één geharmoniseerde en praktische methode om de milieu-impact van diervoeder gedurende de volledige levenscyclus te berekenen en te communiceren, te beginnen met de CO2-afdruk. Bovendien hebben we al specifieke LCA-berekeningstools erkend die aan de benchmarkvereisten voldoen en bedrijven helpen te voldoen aan de MI5.7 Feed LCA.
“Waar moet je beginnen en hoe stel je prioriteiten? Voor het eerst beschikken we over een geharmoniseerde aanpak om de CO2-afdruk van diervoeder te berekenen. Dat geeft inzicht in waar de werkelijke impact ligt en waar de maatregelen het hardst nodig zijn.”
Bas Stok, Director Sustainability, GMP+ International
De markt is er klaar voor
De potentiële impact van de implementatie van dergelijke tools is groot. Laura Jungmann, directeur Duurzaamheid bij supermarktketen Albert Heijn, vertelde hoe data-inzichten hen ertoe brachten om te kijken naar de soja die in hun toeleveringsketen voor diervoeder wordt gebruikt, een belangrijke oorzaak van hun voetafdruk. Door samen te werken met de leveranciers achter het diervoeder verminderde Albert Heijn de CO₂-emissies van hun kippenassortiment met 38% en hun totale scope 3-emissies met 3%.
“Om dit te bereiken hebben we samengewerkt met onze ketenpartners, met een gezamenlijke vraagstelling, en ervoor gezorgd dat alles is afgestemd binnen één solide protocol. Het feit dat GMP+ International hiervoor een standaard heeft gelanceerd, is fantastisch nieuws. Want we willen dat dit op grotere schaal wordt toegepast.”
Laura Jungmann, directeur Duurzaamheid, Albert Heijn
Ik kijk met veel waardering terug op de gesprekken met deelnemers aan ons event en ik heb waardevolle discussies mogen volgen. Voederveiligheid blijft onze basis als GMP+ International, maar duurzaamheid is ook cruciaal voor het toekomstige succes van zowel diervoeder als levensmiddelen.
Wat meteen duidelijk werd, was dat de diervoedersector en de levensmiddelenretailers klaar zijn om gecoördineerde actie te ondernemen, en dat we allemaal vooruit willen. Er werd ook eerlijk gesproken: we weten dat het complex is, en we weten dat het niet perfect zal zijn, maar we moeten de kloof overbruggen. En dat kunnen we samen doen.
Ik wil iedereen bedanken die is gekomen, onze panelleden en sprekers, en iedereen in de sector die zich inzet voor vooruitgang op het gebied van duurzaamheid. Dit is het moment voor je organisatie om een eerste stap te zetten, en dat begint met het meten van je impact. Gelukkig sta je daarbij niet alleen – en met MI5.7 Feed LCA worden je inspanningen niet alleen vergelijkbaar en zichtbaar, maar kunnen kopers je inspanningen ook gemakkelijker herkennen en belonen.